Zusters Karmelietessen Drachten

De komst van de zusters Karmelietessen naar Drachten

Karmel Drachten, 11 & 12 februari 1935

“Ongewone passagiers”:  De komst van de zusters Karmelietessen naar Drachten.

Op 7 februari 1935 stapt een gezelschap van zes zusters uit de trein in Heerenveen. Zij komen vanuit het Karmelklooster in Den Bosch, nemen de bus naar Drachten om daar uit te stappen op de Stationsweg 65. De Karmelorde heeft daar een huis gehuurd, waar de zusters als een soort tussenstation gewoond hebben voordat zij in 1936 verhuizen naar het huidige Karmelklooster. In 1935 is begonnen met de eerste bouwfase van dit klooster.

Zondag 10 februari steekt in Friesland een sneeuwstorm op.  ’s Avonds meldt pastoor J. de Kroon uit ’s Hertogenbosch zich bij de zusters aan de poort. Hij zal de volgende dag het 'kleine klooster' aan de Stationsweg wijden. Hij is met een taxi vanuit Heerenveen gekomen en logeert in hotel de Phoenix. Door de sneeuwval komen de gasten op de feestelijke maandag 11 februari later dan bedoeld; naast de 6 zusters zijn er elf priesters en nog een aantal gasten en gezinnen aanwezig. Pastoor Overmeer draagt de Hoogmis op in het kleine “klooster” en onder de Mis spreekt hij de stichteressen en aanwezigen toe. Na de viering volgt een samenzijn, waarna de gasten vertrekken.  

De volgende ochtend, 12 februari draagt pastoor de Kroon uit Den Bosch de mis op in de nieuwe Karmel van Drachten, iets later dan de bedoeling was, want de ober in de Phoenix had zich verslapen, meldt de kroniekschrijver. Tegen de avond komt pater de Hart om de Kruisweg in het koor van de zusters op te richten. Vervolgens wordt de oprichting van de nieuwe Karmel voltooid met de afsluiting van de buitenwereld. De zusters wonen nu “achter slot” omdat zij als bidorde willen fungeren. En voor het gebed hebben zij stilte, rust en concentratie nodig.

Bron: Karmel Drachten door Dr. H. J. Oldenhof